De Nederlandse taal, hoe is het met jouw spelling en grammatica gesteld?


Doe de test!

 Terug naar carrièretips overzicht

De Nederlandse taal, hoe is het met jouw spelling en grammatica gesteld?

11 maart 2019 |

De Nederlandse taal is niet een van de gemakkelijkste talen. Ondanks dat we vroeger allemaal spelling op school hebben gehad, blijft niet alles hangen. Het wordt ook niet altijd meer even belangrijk gevonden. Kijk bijvoorbeeld maar eens naar je WhatsApp berichten. Veel woorden en zinnen worden afgekort zoals sws (sowieso) en iig (in ieder geval). Dit soort afkortingen en samenvoegingen zijn natuurlijk uit den boze als je je CV of motivatiebrief opmaakt. Lees snel de 5 meest gemaakte fouten en test hoe het met jouw spelling is gesteld. 

De 5 meest gemaakte spelfouten:

  1. Hun of hen.
    Hun gebruik je als bezittelijk voornaamwoord (dus ‘hun boek’). 
  2. Jou of jouw.
    Is het een bezittelijk voornaamwoord (‘jouw boek’, ‘jouw spullen’) en staat dat direct voor het zelfstandig naamwoord (‘boek’) dan plak je er een ‘w’ aan vast. Anders niet.
  3. Die of dat.
    Bij de-woorden hoort ‘die’ (de jongen die) en bij het-woorden hoort ‘dat’ (het meisje dat). 
  4. Als of dan.
    Bij een vergelijking gebruik je als. Is het een vergrotende of verkleinende trap dan gebruik je dan.
  5. De klassieke: ‘dt’.
    Er zijn verschillende trucjes om deze fout te voorkomen. Denk aan het kofschip of fokschaap, of vervang het woord door smurfen (want vind jij daarvan? – wat smurf jij daarvan?).

Hoe is het eigenlijk gesteld met jouw spelling? Erger jij je aan collega’s die slecht Nederlands schrijven of continu vragen of je iets met een ‘d’ of ‘t’ schrijft? Of leest een collega wel eens je teksten en halen zij daar dan de fouten uit?

Doe de test en kom erachter hoe het met jouw spelling is gesteld.


Deel dit artikel: